Het was fantastisch om weer in India te zijn, het was voor mij de tweede keer. We begonnen in Varanasi, wat een heilige plats is voor de Hindoes. We hebben ons ondergedompeld in de drukte van de stad, ons verbaasd over de koeien en straathonden, verschillende tempels bezocht, gelopen over de Ghats langs de oevers van de Ganges en gekeken naar de lijkverbranding.
De reis ging daarna door naar een Ayurvedisch Centrum in Chiliyanaula, prachtig gelegen in de Himalaya. We werden daar opgenomen als patiënt in het ziekenhuis en kregen heerlijke gezondheidsbehandelingen gericht op reiniging en dat heet Panchakarma. De behandelingen bestonden uit het doen van yoga, ondergaan van lichaamsmassage, kruidenstempelmassage, oliemassage op het hoofd en Nasyam: dat is voor de neus en het hoofd. Deze was niet mijn favoriet. Het was leuk bij de hoofd- en nekmassage, maar de olie die in mijn neus werd gemasseerd en de rook die ik daarna moest inademen vond ik niet voor herhaling vatbaar. Het centrum lag wel prachtig hoog in de bergen. De yogazaal lag zo dat je de zon op zag komen tijdens de les die begon om 06:00 uur. De yogadocent was een mooie, zachtaardige man en ik vond zijn lessen heel erg fijn. Als je spreekt over inspiratie in relatie tot de yogalessen, dan kwam het deze reis van hem. Deze reis was niet speciaal op yoga gericht en zijn lessen waren dan ook de enige yogalessen die aangeboden werden. Al hadden we al met al wel 5 yogadocenten in de groep (inclusief de reisleidster). De lessen waren heel anders dan de Hatha Yoga van Saswitha en achteraf hoorde ik dat het Ashtanga Yoga was. De lessen begonnen eenvoudig met het losmaken van handen en voeten en een paar keer doorademen. Daarna ging de moeilijkheidsgraad van de houding vlot omhoog, zonder uitleg of tips waar je de kracht of souplesse voor de houding vandaan kon halen. Doordat ik ook tijdens de reis deed iedere dag yoga op mijn matje deed in mijn kamer was ik heel soepel en mijn lijf vond het heeeeerlijk dit alsmaar doorbewegen.
Aansluitend was er tijd om bij te komen in een Ashram aan de bedding van de rivier Gautama Ganga. De rit ernaar toe kostte ongeveer 5,5 uur. In een Ashram heerst altijd een zeer strikt leefritme, maar omdat wij uit de Panhakarma kwamen en maar zo kort zouden verblijven waren wij als groep vrij om te doen wat we wilden. (Maar we mochten niet het terrein af.) Midden in de rivier stond een heilige boom. De wandeling was bijzonder, de stenen in de rivierbedding hadden zo veel kleuren: wit, paars, rose, wit grijs gestreept en soms bruin. Aan de overkant van de rivier stonden negen aan elkaar geschakelde tempels en elke tempel was geweid aan een andere god of een plaatselijke Baba (heilige man). Het was er mooi en zo kleurrijk. Ernaast lagen ook nog twee grottempels, veel ouder en dan ook zonder alle opsmuk, gewoon uitgehouden uit de rots en daarin een klein beeld of zelfs niet dat. De tweede volle dag dat we er waren hebben de meesten van de groep Little Mount Kailash beklommen. Er is een berg Kailash in Tibet die heilig is heb ik begrepen en wereldwijd zijn er meerdere kleine Mount Kailashes. Sommigen van de groep hebben de berg vanaf de voet van de rivier bedwongen. Ik vond het knap, ik heb namelijk gekozen voor de optie om met de jeep vast een stuk omhoog te gaan om vandaar nog een tocht van anderhalf uur te lopen naar de top. Daar was (natuurlijk) een heiligdom waar we geofferd hebben, de rituelen uitvoerden en de zegening van de priester kregen. Maar het grote verschil was dat dit heiligdom open was, dus geen gesloten tempel, en het was zo mooi helemaal omgeven door enorm veel bellen. Bij iedere tempel of heiligdom vind je in India een bel. Die luid je voor je naar binnen gaat om de godheid te laten weten dat je er bent en om toestemming te vragen om binnen te treden. Dit gebruik kende ik al, maar ik weet niet waarom er hier zó veel bellen hingen.
Afsluitend zakten we weer af naar Delhi, wat een vieze stad, de lucht dan, ik krijg er bijna geen adem. Maar gelukkig zijn ook daar wel mooie dingen te zien. We bezochten de Lotustempel die vrij nieuw is en is gebouwd als een plek voor meditatie, zelf-inkeer en dat voor mensen van alle geloven en gezindten. Als alleerlaatste bezochten we Akshardam, de grootste Tempel in heel Azie”. Oooohhh, wat was dat mooi. Maar bij beide tempels moest je alles afgeven, je tas, mobiel, sigaretten, vuur en vooral je mobieltje en camera. Dus foto’s heb ik er niet van (niet van binnen).
Na een hele korte nacht reden we met een taxibus weer naar de luchthaven; dag apen, koeien, geuren, kleuren, levendigheid, mooie natuur. Dag bijzondere mensen, oude rituelen, hartelijke ontvangsten en nog zo veel meer. Als het me geven is, dan kom ik graag nog een keer terug.




















